Blog | ‘Goede’ zorg?
Haar man kijkt me aan. Waakzaam. Terughoudend. Het blijft even stil. Zal ik doorvragen?
Ik zit al drie kwartier bij mevrouw Mulder*. Ze heeft al langere tijd hartfalen. Na een opname is ze naar huis gestuurd met de boodschap dat artsen niets meer voor haar kunnen doen. Mevrouw reageert vriendelijk. Ze zit in haar stoel, maar oogt broos. Na iedere zin moet ze even bijkomen. Deze mevrouw leeft niet lang meer, flitst het door me heen.
Op mijn vraag of ze kortademig is, antwoordt ze ontkennend. Nee hoor, ze kan het nog goed volhouden. Ook eten lukt nog prima. Natuurlijk zijn er klachten. Daar praten we uitgebreid over. Waar het zit, hoe het komt en wat eraan te doen is. Haar echtgenoot en zoons zijn ook aanwezig. Ook zij uiten hun zorgen. Over de lichamelijke klachten.
Voorzichtig vraag ik of er weleens gesproken is over de toekomst. Over hoeveel tijd mevrouw nog rest, de prognose. Misschien met de cardioloog? Misschien met de huisarts?
Dan zie ik het gebeuren. Waakzaamheid. Angst misschien? Nee hoor, niemand praat daarover. Het gaat nu gelukkig nog goed. We zorgen goed voor haar, toch? Jazeker, zegt mevrouw. Ik denk er wel over na, heel veel. Het gesprek stokt weer. Ook voor mevrouw lijkt het onderwerp afgedaan.
Zullen we in het volgende gesprek verder praten over de toekomst? Over het levenseinde, dat toch dichterbij komt? Voorzichtig vraag ik het. Spreek ik het verboden woord toch uit.
Waarom dan? Meneer reageert direct. Niet nodig, lees ik in zijn ogen. Stoppen nu! Ik doe nog een magere poging om het uit het leggen. Soms is het goed om vooraf over bepaalde dingen na te denken. Bijvoorbeeld over het gebruik van morfine. Weet u hoe uw vrouw daarover denkt? Uiteindelijk volgt een afspraak: niet te snel, dat is nog niet nodig.
Drie dagen later krijg ik een telefoontje. Het gaat niet goed met mevrouw Mulder. Ze is in de stervensfase. Er komt een morfinepomp, want ze is erg benauwd. Op dat moment vraagt haar dochter argwanend waar dat voor nodig is. Want van morfine word je toch niet meer wakker? Er dreigt een discussie te ontstaan bij de stervende mevrouw Mulder. De aanwezige verpleegkundige lost dit tactisch op. De volgende dag overlijdt mevrouw.
Ach, gaat het door me heen. Ik mopper op mezelf. Wat jammer dit. Had ik maar doorgepakt! Of was dit gewoon de manier waarop mevrouw dit zelf wilde? Terughoudendheid, zwijgen, stilte, loslaten. Misschien was het toch goed.
Nienke van den Broek
Palliatieve zorg verpleegkundige i.o.
*Vanwege privacyredenen is deze naam gefingeerd.
Deze blog is onderdeel van een blogserie die beurtelings wordt verzorgd door onze palliatieve zorg verpleegkundigen.
Ontwerp & realisatie door